Vaak gaat een lange periode van verschillende onderzoeken vooraf aan het stellen van de uiteindelijke diagnose van colitis ulcerosa. We zetten er een paar voor u op een rij.
Anamnese
Tijdens dit gesprek tussen arts en patiënt wordt geprobeerd de klachten en verschijnselen te signaleren. Onderdeel hiervan is ook de voedingsanamnese. De arts let op verandering in het eetpatroon, verlies van eetlust en signaleren van eventueel gewichtsverlies.
Lichamelijk onderzoek
Na de anamnese begint de arts met lichamelijk onderzoek. De arts kijkt of sprake is van vermagering, bleekheid, peri-anale fistels en gebieden in de buik die tijdens het betasten pijnlijk zijn (zogeheten ontstekingsinfiltraten).
Laboratoriumonderzoek
De volgende stap is het laboratoriumonderzoek. Onderzoek van de ontlasting kan de aanwezigheid van bloedsporen en onverteerbare voedselresten aantonen. Bij bloedonderzoek wordt de bezinking gemeten om vast te stellen of het gaat om ontstekingen. Ook het aantal rode bloedlichaampjes en gehalte aan rode kleurstof uit de bloedcellen (hemoglobinegehalte of HB) kan worden bepaald. Bij een te laag gehalte is sprake van bloedarmoede. Dit komt bij IBD regelmatig voor.
Tot slot wordt het eiwitgehalte bepaald. De hoeveelheid van een bepaald eiwit, het albumine, kan bij chronische darmziektes verlaagd zijn. De oorzaken hiervan zijn dat de eiwitten die met het voedsel worden ingenomen slecht door het lichaam worden opgenomen. Ook verliest de ontstoken darm ontstekingsvocht dat veel eiwit bevat. Ten slotte is de lever, door de chronische ziekte, niet goed in staat voldoende eiwitten aan te maken.
Tijdens aanvullend laboratoriumonderzoek wordt een patiënt bijvoorbeeld op tekorten aan vitamines en mineralen getest.
Röntgenonderzoek
Bij röntgenonderzoek van de dunne darm wordt via de mond naar de maag en twaalfvingerige darm een slag naar binnen gebracht. Door de slang rechtstreeks een speciale pap (bariumpap) in de dunne darm terecht. De weg die deze pap aflegt door de dunne darm wordt zo onderzocht.
Bij onderzoek naar de dikke darm wordt contrastvloeistof via de endeldarm ingebracht. Dit heet colon-inloop. Door het inbrengen van lucht kan het onderzoek extra duidelijkheid geven.
Endoscopisch onderzoek Endoscopie is de verzamelnaam voor alle onderzoeken waarbij een dunne slang (scoop) in een inwendig kanaal (endo) wordt gebracht om in het lichaam te kijken (endoscopie). Het is meestal mogelijk tijdens deze onderzoeken een 'roesje' te vragen. Een injectie meestal bestaande uit een soort snelwerkend valium veroorzaakt als het ware een 'roes' waardoor de onderzoeken minder pijnlijk of vervelend zijn. | |
Voor de onderzoeken is het noodzakelijk dat de darm goed 'schoon' is. Daarom moet de darm worden gelaxeerd en vaak een dieet worden gevolgd. Deze voorbereiding kan thuis plaats vinden. Lees hier tips over de voorbereiding en de nazorg bij een coloscopie.
Camerapil
IBD-patiënten kunnen ook onderzocht weroden met behulp van een camerapil of videocapsule. Hoewel deze camerapil een klassieke scopie niet helemaal kan vervangen, kan ze een waardevolle aanvulling zijn voor mensen die een darmonderzoek moeten ondergaan.
Echografie
Bij een echografie worden organen zichtbaar door een weerkaatsing van ultrasone geluidsgolven. Dit kan een inwendig onderzoek zijn van de endeldarm (endo-echografie) of een uitwendig onderzoek waarbij de buikorganen worden bekeken via een sensor op de buik.
CT-scan
Een CT-scan registreert als het ware een dwarsdoorsnede van de buik. Hiermee kunnen bijvoorbeeld abcessen goed worden aangetoond.
MRI-scan
Een MRI-scan maakt gebruik van magneetvelden en levert driedimensionale beelden van de hele buik op. Dit levert belangrijke informatie over aangedane darmlissen, abcessen en fistels.
Meer en uitgebreidere informatie over de onderzoeken en verschillende soorten scopieën zijn te lezen in brochure nr. 11, een uitgave van de CCUVN.