De ziekte van Crohn en colitis ulcerosa komen ook voor bij jongeren. Bij ongeveer één op de vier IBD-patiënten beginnen de problemen voor de leeftijd van twintig jaar. De kenmerken van de ziektes zijn dezelfde als bij volwassenen. De diagnose wordt dus ook op dezelfde manier gesteld als bij volwassenen.
De ziekte van Crohn en colitis ulcerosa komen bij jongens en meisjes even vaak voor. Vaak kunnen artsen bij een eerste aanval het onderscheid tussen beide ziektes nog niet maken en spreekt men van een 'niet-classificieerbare colitis' of 'inflammatoire darmziekte'.
Bij een vierde van de families is een ander familielid met dezelfde aandoening bekend. Het is goed om te weten dat het gevaar voor darmkanker niet bestaat op kinderleeftijd.
De verschillen tussen kinderen/jongeren en volwassenen
Het belangrijkste verschil is de groei. Kinderen en jongeren zijn geen minivolwassenen, maar individuen in de volle ontwikkeling. Voldoende voedingsstoffen zijn dan ook onmisbaar. Een chronische darmziekte kan de opname van voedingsstoffen belemmeren en zo de groei in de weg staan. Behandeling van IBD bij kinderen is dan ook anders dan bij volwassenen. Hiervoor is een speciale richtlijn ontwikkeld.
Daarnaast zijn kinderen en jongeren in volle emotionele ontwikkeling. Zo is de puberteit een moeilijke periode voor kinderen met een darmziekte. Een puber schaamt zich sneller voor vrienden en vriendinnen en is geneigd symptomen te verzwijgen. Ouders moeten alert zijn op symptomen en klachten serieus nemen. Er moet niet alleen aandacht gegeven worden aan de manier waarop de patiënt de ziekte verwerkt, maar ook aan de manier waarop de ouders en de rest van het gezin dat doen. Het hele gezin is betrokken bij hun ziekte. Ouders moeten samen met de jongere een evenwicht vinden tussen waakzaamheid en ongerustheid.
Het verloop van de ziekte
Crohn en colitis ulcerosa zijn chronisch. Dat wil zeggen dat de darmontsteking op verschillende tijdstippen in het leven terugkomt. Het verloop van de ziekte is onvoorspelbaar. Uw kind kan zich maanden goed voelen om vervolgens weer flink ziek te worden. Het is daarom belangrijk de diagnose met zekerheid te stellen. Zodat duidelijk is dat het niet om een aandoening van voorbijgaande aard gaat en aanvallen zo snel mogelijk kunnen worden behandeld. Vaak kondigen nieuwe aanvallen zich op dezelfde manier aan als de vorige aanval. Als de symptomen vroegtijdig worden herkend, kan bij het begin van een nieuwe aanval meteen een behandeling worden ingezet. Al naar gelang de tijd tussen opeenvolgende aanvallen en de mate van controleerbaarheid, moeten behandelingsschema's en soms de levenswijze worden aangepast.
Meer informatie, in de vorm van boeken en een film, is beschikbaar via het servicebureau van de CCUVN.